Zorgverleners aan het woord
Het ongemak in spreekkamers waar de internationale wetenschap niet stilzit.
Nederlandse huisartsen, psychologen en kinderartsen worstelen toenemend met het verschil tussen wat zij internationaal lezen (Cass, SBU, PALKO) en het binnenlandse protocol dat affirmatief blijft. Spreken durven zij zelden, want de beroepsgroep is hechte gemeenschap waar afwijken kostbaar is.
"Een vijftienjarige komt binnen, vraagt om verwijzing. Het protocol zegt: 'wees affirmatief, vraag geen waaroms.' Ik vraag wel waaroms. In de helft van de gevallen blijkt er iets anders te spelen: pesten, gezinsstress, dysmorfie. Maar als ik er over publiceer, ben ik 'transfoob'."
— Huisarts
"Bij de jeugd-GGZ kreeg ik een opdracht om geen 'inhoudelijke' vragen meer te stellen aan jongeren met genderdysforie. Alleen ondersteunen. Ik kon het niet. Ik werk nu zelfstandig."
— Klinisch psycholoog
"Het Cass Review legde uit wat ik intuïtief al deed: niet alles dat naar gender-dysforie lijkt is dat ook. Ik dacht dat ik gek was. Toen las ik het rapport. Eindelijk steun."
— Kinderpsychiater
Verwant op deze site
Laatst herzien: mei 2026 — Redactie Genderongemak