De biologieleraar en het Genderdoeboek
Een lesmap die de docent vraagt zijn vak te ontkennen. Wat doet dat met de mensen erom heen?
Het ongemak begint bij de inhoudsopgave.
Het Genderdoeboek voor Scholen van TNN (Transgender Netwerk) suggereert biologiedocenten te leren dat er "mannen met eicellen" en "vrouwen met zaadcellen" bestaan, en dat het woord "vrouw" voortaan gelezen kan worden als "mens met een baarmoeder". Niet bij maatschappijleer. Bij biologie.
Wat er op tafel ligt
De docent biologie heeft een vakdiploma. Vier jaar studie. Een examenprogramma dat begint bij celkern en chromosoom, eindigt bij voortplanting, en gaandeweg leert dat geslacht bij zoogdieren binair is en bij geboorte vastligt. Dat is geen mening. Dat is het vak.
Op een ochtend ligt er een lesmap op het bureau. Uitgegeven door een belangenorganisatie, gefinancierd met publieke middelen, aangereikt door de directie als "iets om mee te nemen". In de map staat onder andere dat het woord "vrouw" verouderd is, dat "mens met een baarmoeder" preciezer is, en dat er ruimte gemaakt moet worden voor leerlingen die zichzelf als het andere geslacht zien. Bij biologie.
De docent weet niet wat te doen. Doorgaan met het vak betekent botsen met de map. De map volgen betekent botsen met het vak.
Het stille verzet
Wat er gebeurt is voorspelbaar. De map verdwijnt in een la. De les wordt gegeven zoals de docent hem altijd gaf — XX en XY, primaire en secundaire geslachtskenmerken, voortplanting. Geen sprake van het Genderdoeboek. Op de vergadering knikt de docent als de coördinator vraagt of iedereen ermee aan de slag is. Zwijgen is hier instemming, of in elk geval geen tegenstand.
In de klas ernaast, bij een jongere collega die net is afgestudeerd en het lastig vindt om tegen een directie in te gaan, wordt de map wel gebruikt. Daar leren leerlingen dat man en vrouw "concepten" zijn die "complex" liggen. Twee parallelklassen, twee biologielessen, één schoolgebouw. De leerlingen weten van elkaar niet wat ze geleerd hebben. De ouders weten het ook niet.
"Ik heb dertig jaar biologie gegeven. Ik weet wat een gameet is en ik weet welke gameet wie produceert. Toen die map kwam dacht ik: dit ga ik niet doen. Ik heb er met niemand over gepraat. Ik heb hem opgeborgen. En ik schaam me een beetje dat ik mijn mond niet open heb getrokken."
— Inzending, docent biologie, bovenbouw vwo
Het ongemak van de leerling
Een leerling van vijftien zit in de klas waar de map wel wordt gebruikt. Bij het hoofdstuk voortplanting hoort ze de docent zeggen dat "sommige mannen ook eicellen hebben". De leerling weet niet wat ze ermee moet. Ze heeft een biologieboek waarin staat dat eicellen door de eierstokken worden gemaakt. Ze heeft een docent die zegt dat dat niet helemaal klopt. Ze schrijft niet meer op wat de docent zegt, want ze weet niet wat er straks op het examen staat. Stilte, ongemak, en het gevoel dat er een spel wordt gespeeld waarvan niemand de regels uitlegt.
Vragen stellen durft ze niet. Vorige week werd een klasgenoot uitgelachen omdat hij vroeg of een persoon nou een man of een vrouw was. De docent corrigeerde de klasgenoot, niet de lachers. De les ging door. De vraag bleef onbeantwoord.
Het ongemak van de ouder
De ouder ontdekt het bij toeval. Een schoolschrift dat op de keukentafel openvalt. Een aantekening waarin "mens met een baarmoeder" staat in plaats van "vrouw". De ouder leest het twee keer en denkt eerst dat het een grap is. Het is geen grap.
De ouder belt de school. Er volgt een gesprek waarin de coördinator uitlegt dat het materiaal "inclusief" is en dat de school zich aan de kerndoelen houdt. Het woord TNN valt niet. De vraag of het lesmateriaal getoetst is door een vakdocent biologie, blijft onbeantwoord. De ouder hangt op met het gevoel dat er iets niet klopt, maar weet niet precies wat.
Waar zit het ongemak
Het ongemak zit niet in respect voor klasgenoten met een afwijkende identiteit. Daar heeft niemand bezwaar tegen. Het ongemak zit erin dat een belangenorganisatie via een lesmap de woordenschat van een schoolvak probeert te herschrijven. De biologieles wordt het podium voor een sociale opvatting over geslacht. De docent wordt gevraagd zijn vakkennis ondergeschikt te maken aan de boodschap van een externe partij. De leerling krijgt twee verhalen — een in het boek, een uit de mond van de docent — en moet zelf maar uitvogelen welke voor het examen telt.
De vraag die zich opdringt is niet of trans mensen erkenning verdienen. Dat is een andere vraag, en die hoort thuis bij maatschappijleer, levensbeschouwing of in de mentorles. De vraag is of een schoolvak — biologie — gebruikt mag worden om begrippen uit dat vak te ontkennen. Wie die vraag stelt, krijgt zelden een antwoord. Hij krijgt een verwijt.
Wat je kunt zeggen
Als docent, op de sectievergadering:
"Ik wil graag begrijpen waarom een externe lesmap met deze terminologie ons als vaksectie wordt aangeboden. Heeft iemand de inhoud getoetst aan het examenprogramma?"
Als ouder, in een mail aan de school:
"Mijn kind kreeg bij biologie te horen dat 'mannen ook eicellen kunnen hebben'. Mag ik weten welk lesmateriaal gebruikt is, en wie de bron is?"
Als leerling, na de les:
"Meneer, mevrouw — wat moet ik straks op het examen invullen als de vraag gaat over wie eicellen produceert?"
Lees verder
Indoctrineren voor beginners — les 2: TNN bij biologie
Edward Jansen, 10 juni 2026 — op Gendergekte.nl
Een uitgebreide analyse van het Genderdoeboek voor Scholen: wat erin staat, wie het betaalt, en waarom een belangenorganisatie via lesmateriaal de woordenschat van het biologie-onderwijs probeert te herschrijven.
Verwant op deze site
Gepubliceerd: juni 2026 — Redactie Genderongemak